Vanaf 2024 is de Wet personenmobiliteit (WPM) officieel van kracht gegaan. Voor veel organisaties betekent dit: aan de slag met data. De eerste rapportage staat gepland voor 30 juni 2025, maar de gegevens over heel 2024 moeten nu al worden verzameld. En hoewel ik van veel bedrijven en ondernemers terug hoor dat het een beetje voelt als ‘weer een verplichting erbij’, biedt de wet ook een mooie kans, namelijk: het creëren van inzicht en impact op het gebied van duurzame mobiliteit binnen je organisatie. In deze blog leg ik uit wat de WPM inhoudt, waarom het belangrijk is, wat je precies moet aanleveren én hoe je dit als organisatie slim en toekomstgericht kunt aanpakken.
Wat is de Wet Personenmobiliteit?
De Wet personenmobiliteit is in het leven geroepen om bedrijven te stimuleren én verplichten bewuster om te gaan met de mobiliteit van hun medewerkers. Het doel is helder: het verminderen van de CO₂-uitstoot die voortkomt uit zakelijk verkeer en woon-werkverkeer. Deze uitstoot vormt een aanzienlijke bijdrage aan de totale emissies in Nederland, en dus ligt daar een belangrijke sleutel tot verduurzaming.
Vanaf 1 januari 2024 zijn alle organisaties met meer dan 100 medewerkers verplicht om jaarlijks hun mobiliteitsgegevens te verzamelen en te rapporteren bij de overheid. Het gaat hierbij om alle mobiliteitsbewegingen die in opdracht van de werkgever worden gemaakt of vergoed.
De verzamelde gegevens worden niet gebruikt om individuele medewerkers te controleren, maar om landelijke beleidskeuzes te onderbouwen en reductiedoelen op termijn te kunnen monitoren. De WPM is dus geen ‘afvinklijstje’, maar een eerste stap naar een bredere mobiliteitstransitie.
Wanneer moet je rapporteren?
Het eerste officiële rapportagemoment is 30 juni 2025, eind deze maand dus! Dan moet je als werkgever verantwoording afleggen over het kalenderjaar 2024. Dit betekent dat je nu al in actie moet komen om alle gegevens over het huidige jaar te verzamelen en goed te documenteren. En nee, dat is geen taak die je eind 2024 in één week nog even ‘fixt’. Veel bedrijven hebben namelijk nog geen duidelijk systeem om mobiliteitsdata gestructureerd te registreren.
Een slimme aanpak is om nu al je processen te bekijken: welke gegevens verzamel je al? Waar zitten hiaten? Hoe kun je dit automatiseren? Hoe eerder je dit inzichtelijk maakt, hoe eenvoudiger de uiteindelijke rapportage.
Wat moet je precies aanleveren?
De rapportage draait om het registreren van het aantal kilometers dat medewerkers reizen in het kader van hun werk. Dit wordt onderverdeeld in:
- Woon-werkverkeer: dus alle kilometers van en naar kantoor of een vaste werkplek.
- Zakelijke kilometers: bijvoorbeeld naar klanten, leveranciers of congressen.
- Daarnaast moet je voor elk vervoersmiddel kunnen aangeven hoeveel kilometers er daarmee zijn afgelegd. Denk bijvoorbeeld aan:
- Auto (fossiel en elektrisch)
- Openbaar vervoer
- Fiets
- Te voet
- Ook moet je aangeven of het voertuig eigendom is van de medewerker, eigendom van de werkgever, of dat het gaat om gedeeld vervoer.
Op basis van deze gegevens berekent het RVO automatisch de totale CO₂-uitstoot. Je hoeft zelf dus niet te rekenen, maar wél betrouwbare en complete data aan te leveren.
Waarom is dit belangrijk?
Naast het wettelijke karakter biedt deze rapportage je organisatie een mooie kans om duurzaam mobiliteitsbeleid vorm te geven. Want laten we eerlijk zijn: veel bedrijven hebben geen volledig beeld van hoe medewerkers reizen. Door dit nu in kaart te brengen, krijg je inzicht in je grootste bronnen van uitstoot en mogelijke besparingen in kosten én impact. Ook is het een kans om medewerkers te stimuleren anders (en duurzamer) te reizen. En dat is geen overbodige luxe, want het is goed mogelijk dat in de toekomst (net als bij andere duurzaamheidswetgeving) niet alleen registratie, maar ook reductie verplicht wordt. Door nu al te sturen op gedragsverandering en alternatieve mobiliteitsopties, ben je alvast goed voorbereid.
Hoe kun je dit alles praktisch aanpakken?
Als organisatie hoef je gelukkig niet alles opnieuw uit te vinden. Er zijn al veel goede tools en methoden beschikbaar om mobiliteitsdata te verzamelen. Hier zijn een paar tips:
Breng je huidige situatie in kaart
Welke vormen van mobiliteit worden gebruikt? Hoe worden ze geregistreerd? Heb je al inzicht in leasekilometers, OV-declaraties of reiskostenvergoedingen?
Gebruik bestaande data
Denk aan data uit je HR-, finance- of mobiliteitsportaal. Vaak kun je deze koppelen of exporteren om overzicht te krijgen.
Maak afspraken met medewerkers
Stel heldere richtlijnen op voor het declareren en registreren van ritten. Denk aan een korte maandelijkse vragenlijst of automatische kilometerregistratie via apps.
Investeer in bewustwording
Organiseer een themamaand rond duurzame mobiliteit, introduceer alternatieven zoals de fiets van de zaak of stimuleer hybride werken waar mogelijk.
Wat levert het op?
Een slimme aanpak van mobiliteitsdata zorgt er niet alleen voor dat je voldoet aan de wetgeving, maar levert ook duidelijke voordelen op. Denk bijvoorbeeld aan kostenbesparing door minder leaseauto’s, een lager brandstofverbruik en een efficiënter declaratieproces. Daarnaast draagt het bij aan verhoogd werkgeluk: medewerkers die flexibel en duurzaam kunnen reizen voelen zich vaak meer betrokken. Ook werk je aan een duurzaam imago, waarmee je zowel intern als extern laat zien dat je bewust en toekomstgericht onderneemt. En misschien wel het belangrijkste: je loopt vooruit op toekomstige verplichtingen, want als er straks reductie-eisen komen, heb jij al een voorsprong. Hoe fijn is dat!
Conclusie: zie de WPM als kans, niet als last
De WPM-rapportage vraagt om aanpassing, maar het is veel meer dan een verplicht invulformulier. Het is een uitnodiging om écht te kijken naar hoe jouw organisatie omgaat met mobiliteit en hoe dat slimmer, gezonder en duurzamer kan.
Begin op tijd, zorg voor structuur en betrek je medewerkers. Dan zet je niet alleen een vinkje voor de overheid, maar werk je actief aan een toekomstbestendig mobiliteitsbeleid. En heb je hulp nodig? Neem dan gerust contact met me op!

